Test Subaru Forester e-Boxer: Onbekend is on…terecht?

Hoewel de Subaru Forester in ons land slechts nu en dan opduikt in het straatbeeld, leidt de SUV in Noord-Amerika al meer dan 20 jaar de dans binnen het Subaru-gamma. Met deze nieuwe vijfde generatie hopen de Japanners ook bij ons te gaan swingen, een ambitie die grotendeels zal afhangen van één cruciale vraag: zit er muziek in Subaru’s hybride e-Boxer techniek?

Oef. Subaru, een merk dat doorgaans enkel bij echte kenners op de shortlist belandt, lijkt eindelijk begrepen te hebben hoe het ingang moet vinden bij het bredere Europese publiek. De combinatie van een traditionele boxermotor met vierwielaandrijving levert nu eenmaal geen ecologische recordwaardes op, waardoor de Japanners de voorbije jaren heel wat potentiële klanten richting de (veelal voorwielaangedreven) SUV-concurrentie zagen lopen. Rond deze tijd hoopt Subaru het tij echter te keren met twee nieuwe e-Boxer hybrides van de XV en dus ook deze Forester, die voor de gelegenheid ook in een volledig nieuw kleedje werd gestopt.

Euh… zeker?

Toch wel. Hoewel de contouren (en afmetingen) van de 4,63 meter lange Forester nauwelijks afwijken van zijn voorganger, zit de Japanse SUV van kop tot teen in het nieuw. Voor alle duidelijkheid: ondanks de iets ruimer bemeten zit- en kofferruimte moet je de grote nieuwigheden dus vooral onder de robuuste schulp gaan zoeken, met een voertuigarchitectuur die voortaan gebaseerd is op het Subaru Global Platform van de Impreza en XV. Naast een stijvere structuur, die zowel het rijgedrag als de crashbestendigheid ten goede moet komen, biedt het nieuwe platform vooral mogelijkheden tot hybridisering. En dan luistert Europa, rekening houdend met de strengere CO2-regels die vanaf 2021 in voege treden, plots aandachtig mee.

Betekent dat dat de Forester, net als zijn gedoodverfde rivaal van Toyota, aan de stekker gaat?

Neen, dat dan weer niet. Toyota kiest binnenkort inderdaad voor plug-in techniek om zijn CO2-gemiddelde naar beneden te halen, hun landgenoten van Subaru houden het voorlopig bij een (mild) hybride toepassing van de zelfopladende soort. Een oplossing die – dixit de ingenieurs – vandaag het beste compromis biedt tussen verbruikswinst, meergewicht en ruimteverlies.

Concreet introduceert Subaru een slechts 0,6 kWh grote lithium-ionbatterij, die samenwerkt met een in de CVT-transmissie geïntegreerde elektromotor van 16,7 pk om de Forester bij het aanzetten of accelereren een extra zetje in de rug te geven. Tot een snelheid van 40 km/u kan de Forester zelfs volledig elektrisch rijden (over een vrij korte afstand van goed anderhalve kilometer weliswaar), nadien schiet de nieuwe 2 liter-boxermotor van 150 pk sowieso ter hulp om de Forester aan te drijven én de batterij opnieuw van elektrische jus te voorzien. Op papier levert het samenspel tussen benzine- en elektromotor een verbruikswinst van grosso modo 10 procent op (6,7 l/100 km, NEDC 2.0), al voegt de constructeur er in één ruk aan toe dat het systeem vooral bedoeld is om de Forester zowel on- als offroad een vlottere tred te bezorgen.

En? Missie geslaagd?

Beoordelen we de Forester op zijn rijtechnische kwaliteiten, dan kunnen we inderdaad alleen maar beamen dat dit één van de meest (offroad-)kundige onder de middelgrote SUV’s moet zijn. Tijdens onze eerste kennismaking schoven we de Forester alleszins enkele drassige veldwegels met diepe tractorgeulen voor de wielen, hindernissen die dankzij de herziene X-Mode met sprekend gemak onder de mat werden geveegd. Door de lage inplanting van de nochtans 110 kilogram wegende elektro-unit en de vloeiendere werking van de Lineartronic-CVT voelt de Forester ook snediger aan dan voorheen, al blijft het vermaledijde koffiemoleneffect onder vollast nog steeds van de partij. Finaal komen de kwaliteiten van deze Forester e-Boxer komen pas uit de verf bij een gezapigere rijstijl, anders gaat de chemie tussen elektro-unit en verbrandingsmotor nagenoeg volledig verloren.

Heeft die nieuwe Forester verder nog wat te bieden?

De mechanische wijzigingen veranderen natuurlijk niets aan Subaru’s basisfilosofie, die veiligheid, betrouwbaarheid en functionaliteit nog steeds helemaal bovenaan de agenda plaatst. Het EyeSight-veiligheidsarsenaal werd voor de gelegenheid uitgebreid met een Rear Seat Reminder, die bestuurders bij het verlaten van de wagen waarschuwt wanneer ze hun kind dreigen te vergeten op de achterbank. Ook nieuw is de automatische remfunctie bij het achteruitrijden, waarmee dure bumperschade vermeden kan worden, en een gezichtsherkenningssysteem, dat niet alleen automatisch de instellingen van de zetel, spiegels en ventilatie aanpast, maar er ook over waakt dat de bestuurder zijn ogen op de weg (en liefst niet op zijn smartphone) gericht heeft. Voor trendy gimmicks als een gesture control ben je bij Subaru nog steeds aan het verkeerde adres, al kan het infotainmentsysteem tegenwoordig wel overweg met Apple CarPlay en Android Auto.

De standaarduitrusting is overigens behoorlijk compleet (zoals we dat van Japanse merken gewend zijn), voor 33.995 euro geeft Subaru je meteen een dual zone-airco, adaptieve cruise control, achteruitrijcamera, zetelverwarming vooraan, DAB+-radio en het EyeSight-veiligheidspakket mee. Heb je nog 3.000 euro extra te spenderen, dan komen daar onder andere het Driver Monitoring System, het Reverse Automatic Braking-systeem en een in acht richtingen (elektrisch) verstelbare bestuurderszetel bij. Leg je nog eens 3.000 euro bij voor de Premium-variant, dan voegen de Japanners ook nog een geïntegreerde navigatie, verwarmde zetels achteraan en een lederen zetelbekleding toe. Al zijn we inmiddels wel over bedragen van net geen 40.000 euro aan het spreken, natuurlijk.

Conclusie?

Hoe je hem ook draait of keert, de Forester blijft een vreemde (lees: eigenzinnige) eend in de Europese SUV-bijt. Desondanks blijft het een auto die meer aandacht verdient dan zijn voorgangers, met een praktisch opgevat én rijkelijk aangekleed interieur, innovatieve veiligheidstechnologie en een ijzersterke 4×4-reputatie. De meerwaarde van de e-Boxer-technologie blijft echter te beperkt om de meerkost van 3.000 euro te rechtvaardigen, een plug-in hybride oplossing (en de fiscale voordelen die ermee gepaard gaan) had Subaru wellicht veel meer Belgische bestelbonnen opgeleverd…